
De merkplaat op je stookolietank, vaak gewoon de dop genoemd, geeft aan of je tank nog gevuld mag worden. We overlopen wat de vier kleuren betekenen, welke tanks periodiek gekeurd moeten worden en wat je doet wanneer je tank niet in orde blijkt.
Op de vulleiding of op de tank zelf hangt een klein plaatje in een bepaalde kleur. Die merkplaat, in de praktijk vaak gewoon de dop genoemd, geeft aan of je stookolietank nog gevuld mag worden. Nu het stookseizoen begint, is dat het eerste waar een leverancier naar kijkt voor hij stookolie aflevert.
De eerste echt koude nacht van het jaar is meestal het moment waarop de verwarming weer aanslaat. Voor wie met stookolie verwarmt, betekent dat ook dat de tank tijdig gevuld moet worden.
Daarbij speelt de merkplaat een rol die veel eigenaars zich niet realiseren. De kleur van dat plaatje vertelt namelijk of je tank in orde is met de milieureglementering, en of een leverancier je nog mag bevoorraden. Is de kleur niet in orde, dan kan een levering geweigerd worden.
In dit artikel overlopen we wat de verschillende kleuren betekenen, welke tanks periodiek gekeurd moeten worden en wat je doet wanneer je tank niet in orde blijkt.
De merkplaat wordt aangebracht door de erkende technicus die je stookolietank controleert. Ze wordt bevestigd ter hoogte van de vulopening of de vulleiding, zodat ze zichtbaar is voor wie de tank komt vullen.
De plaat is dus geen decoratie of een merkteken van de fabrikant, maar het resultaat vaneen keuring. Ze geeft in één oogopslag weer of de tank en de installatie voldoen aan de bepalingen van VLAREM, de Vlaamse milieureglementering. Stookolie leveranciers zijn verplicht die kleur te respecteren.
Er zijn viermogelijke situaties:
De kleur zegt iets over de toestand van de tank op het moment van de laatste controle. Is die controle lang geleden gebeurd en is de keuringstermijn intussen verstreken, dan is een groene plaat op zich geen garantie dat je installatie vandaag nog in orde is.
Elke stookolietank moet gekeurd worden na de plaatsing en vóór de ingebruikname. Of er daarna nog periodieke controles volgen, hangt af van de plaatsing, het volume en de ligging van de tank. Dat onderscheid zorgt in de praktijk voor veel verwarring.
Voor een bovengrondse tank voor particulier gebruik met een inhoud onder 6.000 liter is er geen periodieke controle meer vereist. Die verplichting verviel op 1 maart2009. Wel blijft de keuring vóór de eerste ingebruikname verplicht.
Een belangrijk aandachtspunt: een tank in de kelder wordt beschouwd als een bovengrondse tank. Dat is een van de meest voorkomende misverstanden, omdat veel eigenaars ervan uitgaan dat een tank in de kelder ondergronds is.
Ligt het volume boven 6.000 liter, dan geldt er wel een periodieke controle om de drie jaar.
Een ondergrondse tank voor de verwarming van een particuliere woning met een inhoud onder 6.000 liter moet om de vijf jaar gecontroleerd worden. Voor grotere ondergrondse tanks ligt die termijn korter.
Omdat een lekbij een ondergrondse tank niet zichtbaar is en rechtstreeks in de bodem terechtkomt, is de regelgeving hier strenger. Eén liter stookolie kan een grote hoeveelheid grondwater verontreinigen, en een sanering loopt snel op in kosten.
Ligt je tank in een waterwingebied of een beschermingszone, dan gelden er kortere controletermijnen. Voor ondergrondse tanks in die zones is de controle jaarlijks in plaats van tweejaarlijks of vijfjaarlijks.
Opm.: Of je woning in een waterwingebied ofbeschermingszone ligt, is niet altijd duidelijk voor eigenaars. Bij twijfel vraag je dit best na bij je gemeente of bij de technicus die de keuring uitvoert.
De controle wordt uitgevoerd door een erkende technicus stookolietanks. Die gaat visueel na in welke staat de tank en de installatie verkeren, en controleert onder meer de overvulbeveiliging, het lekdetectiesysteem, de inkuiping en, waar van toepassing, de kathodische bescherming.
Bij een ondergrondse tank hoort daar ookeen dichtheidsbeproeving bij, en wordt nagegaan of er geen verontreinigingbuiten de tank aanwezig is. Na afloop ontvang je een keuringsattest en wordt debijhorende merkplaat aangebracht.
Wat als je tank een oranje of rode merkplaat krijgt?
Bij een oranje merkplaat zijn er gebreken vastgesteld die geen onmiddellijk risico inhoud en voor de omgeving. Je hebt dan maximaal zes maanden om de installatie in orde te brengen. In die periode mag de tank nog gevuld worden. Na de herstelling volgteen nieuwe controle.
Bij een rode merkplaat mag de tank niet meer gevuld worden zolang de gebreken niet hersteld zijn. Afhankelijk van wat er precies is vastgesteld, gaat het om eenherstelling aan de installatie of om een ingrijpender oplossing zoals de vervanging of de buitengebruikstelling van de tank.
Beslis je om de tank definitief buiten gebruik te stellen, dan wordt die geledigd, gereinigden ofwel verwijderd ofwel opgevuld. Je ontvangt daarvan een attest vanbuiten gebruikstelling, dat je bijhoudt voor een latere verkoop van de woning.
Veel eigenaars ontdekken pas bij een levering dat hun keuringstermijn verstreken is of dat de merkplaat niet meer in orde is. De leverancier vertrekt dan zonder te lossen, en de keuring moet alsnog ingepland worden.
In oktober is dat vooral vervelend. In januari, wanneer de tank bijna leeg is en de wachttijden bij technici oplopen, is het een stuk lastiger. Bovendien valt een eventuele herstelling dan midden in de periode waarin je de verwarming het hardst nodig hebt.
Twijfel je of je tank nog gevuld mag worden, kijk dan na wat er op je laatste keuringsatteststaat als datum van de volgende controle. Vind je dat attest niet terug, dan geeft de kleur van de merkplaat een eerste indicatie.
De kleur van de merkplaat op je stookolietank bepaalt of een leverancier je nog mag bevoorraden. Groen betekent in orde, oranje geeft je zes maanden om gebreken te herstellen, en bij rood of bij een ontbrekende plaat mag de tank niet gevuld worden.
Of er een periodieke keuring nodig is, hangt af van de plaatsing en het volume van je tank. Bovengrondse particuliere tanks onder 6.000 liter moeten niet periodiek gekeurd worden, ondergrondse tanks wel, om de vijf jaar. Het begin van het stookseizoen is een goed moment om na te gaan waar je staat.
Een tank in de kelder geldt als een bovengrondse tank. Voor particulier gebruik onder 6.000 liter betekent dat dus geen periodieke keuringsplicht.
Een tan kzonder merkplaat mag niet gevuld worden. Je laat de tank dan opnieuw controleren door een erkende technicus, die na de controle een nieuwe plaat aanbrengt.
De plaat zelf heeft geen vervaldatum, maar het keuringsattest vermeldt wanneer de volgende controle moet gebeuren. Voor een ondergrondse particuliere tank is dat vijf jaar na de laatste controle.
Een verkoop opzich maakt geen nieuwe keuring verplicht. De notaris zal wel het meest recente keuringsattest opvragen. Beschik je daar niet over, dan is een keuring de eenvoudigste manier om dat in orde te brengen.
Een tank die niet meer gebruikt wordt, stel je best definitief buiten gebruik. De tank wordt dan geledigd en gereinigd, en je ontvangt een attest van buitengebruikstelling.
Ja. Onze erkende technici voeren de controle uit en brengen de merkplaat aan. Heb je nog andere keuringen nodig, dan vraag je die bij ons in dezelfde aanvraag aan.